Het was prettig wonen in Betondorp, hoewel de naam anders doet vermoeden. Het tuindorp in Amsterdam Oost is in één keer ontworpen en gebouwd in de jaren 20 van de vorige eeuw. Er zijn een aantal typen huizen. De meeste opgetrokken uit beton. Verschillende bouwtechnieken zijn ontwikkeld en toegepast. De strakke vormen en het feit dat de woningbouwvereniging de kleuren van de deuren en ramen dicteerde, bepaalde het ritme. Dat vond ik eigenlijk wel mooi.
Daar waren niet alle bewoners het mee eens. Men sarde mij met het aanbrengen van foeilelijke buitenlampjes, zonweringen met sierflapjes, vijvertjes en kabouters. Om iets persoonlijks aan de openbare ruimte toe te voegen, zo besefte ik later.

Dit moet gestopt worden, dacht ik regelmatig tijdens mijn dagelijkse wandelingen van en naar de lagere school. Maar hoe kon ik mijn opstand het beste vorm geven?
Niet ver van mijn ouderlijk huis had een bejaarde man een zelf geknutselde molen in zijn voortuintje geplaatst. Met trots liet hij het eindresultaat zien en vroeg wat ik er van vond. Mijn afkeuring uitspreken leek mij als elfjarige niet sociaal wenselijk. En wie ben ik om de levensvreugde te bederven van een gemotiveerde bejaarde die zich een paar maanden in de schuur in het zweet heeft gewerkt? Een dilemma. Mijn opstand heb ik na deze ontmoeting dan ook uitgesteld.
Tijdens mijn werk neem ik regelmatig de communicatie en de daarbij behorende middelen van een bedrijf of organisatie onder de loep. Tijdens dit proces blijkt dat bestaande communicatiemiddelen moeten verdwijnen en plaats moeten maken voor nieuwe. Ook daar kom ik geregeld goedbedoelde ‘molentjes’ van medewerkers tegen. De ervaring leert dat je zonder draagvlak van de medewerkers de in- en externe communicatiemiddelen niet op een hoger peil kan krijgen en vooral houden. De mensen die de molentjes bouwen zijn juist vaak de gemotiveerde mensen waar je nog veel aan kan hebben bij de invoering van een nieuw product of huisstijl. Overleggen en gebruik maken van hun expertise is dus het devies. En vaak verdwijnen de molentjes dan naar de achtertuin zonder dat ik het heb hoeven vragen.